Grigori Raspoetin, achtergronden bij zijn moord

article-2553577-0068F4C200000258-998_306x457
Rasputin in ziekenhuiskleding (1914)?

Grigori Jefimovitsj Raspoetin (Russisch: Григорий Ефимович Распутин), vanaf maart 1907 met het toevoegsel Novyj (Russisch: Новый) (Pokrovskoje, gedoopt 22 januari [O.S. 10 januari] 1869 [1]Petrograd, 30 december [O.S. 17 december] 1916) was een rondreizende Russische strannik of pelgrim, gebedsgenezer, een ziener, niet echt een geestelijk leider of starets, zoals hij ironisch werd genoemd en ook geen echte monnik, want hij was getrouwd, leefde niet in afzondering en was niet officieel verbonden aan een klooster van de Russisch-orthodoxe kerk. Raspoetin was een van de kleurrijkste personen uit het begin van de vorige eeuw en is één van de bekendste en tevens minst begrepen figuren uit de wereldgeschiedenis. Hij is omschreven als een egoïst die graag in het centrum van de belangstelling stond [2], een intrigant, een zwerver, een gestoorde mysticus, een opportunistische charlatan, een wellustige vrouwenversierder, een brutale boer, die iedereen met zijn voornaam aansprak of een bijnaam gaf, een sterk geurende zonderling met vet haar en een bloempotkapsel, vuile handen en een warrige baard waarin etensresten waren blijven hangen.

Raspoetin was een lange, magere man (1,93m) [3], met een dromerige, religieuze natuur, die leefde op aardappelen en vissoep en soms at met zijn handen. Hij had volgens zijn dochter een bult op zijn voorhoofd dat door zijn haar zorgvuldig werd bedekt; diepliggende, felle ogen, die fosforiserend zijn genoemd. Raspoetin kon niet rekenen, en schijnt nauwelijks in staat zijn geweest de Heilige Schrift te lezen, niettemin intelligent, nieuwsgierig en beschikkend over een goed geheugen. Hij sprak voortdurend over het God en wist vooral toehoorders te trekken met zijn praktische uitleg van de Schrift. Raspoetin had een buitengewoon kalm optreden, het vermogen mensen gerust te stellen en naar het zich laat aanzien een gave lichamelijk kwalen te genezen en voorspellingen te doen.

De hoffelijke, besluiteloze en mystiek aangelegde [4] tsaar Nicolaas II en zijn heerszuchtige, koppige en neurotische vrouw geloofden dat de eenvoudige en ongeletterde Raspoetin door God zelf gezonden was om Huis Romanov te beschermen. Nadat hij twee keer hun kind gered had van de dood, wilden zij naar niemand anders luisteren. Er kwam kritiek, maar de tsaar zag in 1915 zijn bescherming van Raspoetin als een privé-aangelegenheid van de familie.[5] De invloed van Raspoetin op de keizerin heeft Nicolaas, die aan het front verkeerde, verleid tot een keus van ministers en enkele hoge ambtenaren, die fataal bleken te zijn voor de monarchie.[6] De chaos die in het uitgestrekte Rusland ontstond tijdens de Eerste Wereldoorlog zou in het nadeel van de tsaar en in het voordeel van de Duitse legers en de Russische Voorlopige Regering blijken te zijn.

In de dagen voorafgaand aan zijn dood is er veel aangedaan Raspoetin buiten werking te stellen.[7] Raspoetin is uiteindelijk in de val gelokt door een klein groepje wanhopige monarchisten, die zich als doel hadden gesteld zijn “duistere krachten” in te perken, daarmee de monarchie te redden van de dreigende ondergang, maar misschien ook zelf een belangrijkere rol wilden spelen. Raspoetin liet zich, volgens Pim van der Meiden, als een schaap naar de slachtbank liet leiden.[8] Over de moord in het paleis van Prins Joesoepov c.s. is niet alles duidelijk, vanwege tegenstrijdige details in de verschillende versies.

De visie op Raspoetin is sterk bepaald door wat zijn tegenstanders over hem hebben geschreven. De beschuldigingen betreffen zijn invloed bij aanstellingen van ministers. De meeste roddels gaan over vrouwelijke bewonderaars, waaronder de dweperige vrouw van de tsaar, en bedoeld om de keizerlijke familie in discrediet te brengen [9], maar de bewijzen flinterdun. Zelf zei Raspoetin daarover dat journalisten ook aan de kost moeten komen, desnoods met zulk geschrijf.[10] Volgens Vasili Rozanov was Raspoetin’s onzedelijkheid een bedenksel van puriteinen en asceten.[11]

Bij de huidige aandacht voor het Romanov’s, en de Russisch-orthodoxe kerk heeft ook het verleden van Raspoetin weer aan belang gewonnen.

Inhoud

Jeugd

Pokrovskoje in 1912 met de kerk, die in 1950 werd verwoest en de rivier de Toera

Raspoetin was een van de drie kinderen van een welvarende boer en visser, soms voerman aan de postweg in het West-Siberische laagland.[12][13] Raspoetin was geen bijnaam, ook zijn vader en twintig anderen in het dorp droegen die naam.[14] Over zijn geboortejaar bestond lang onduidelijkheid, maar Grigori of Grisja is op 10 januari 1869 gedoopt, en is waarschijnlijk een dag eerder geboren [15] Bij de eerste Russische volkstelling in 1897 werd hij geregistreerd als wonenende bij zijn ouders, en zijnde 28 jaar; een gegeven dat pas in 1991 door het plaatselijke Raspoetin museum uit de Russische archieven werd opgediept.[16][17] Zijn geboortedorp Pokrovskoje, tegenwoordig in de Oblast Tjoemen, ligt in een moerassig gebied op de noordoever van de rivier de Toera, 80 km ten oosten van Tjoemen dat sinds 1885 op de Transsiberische spoorlijn was aangesloten en toentertijd het eindstation.

Het Sint-Nicolaasklooster in 1910 met een van de grootste kathedralen in Rusland in aanbouw (Verchotoerje)

Zo veel als we weten van zijn latere levensjaren, zo weinig is er bekend van de eerste dertig jaar en dan nog voornamelijk niet te bewijzen mythes of legendes. Raspoetin trouwde op 2 februari 1887 en had bij zijn twee of drie jaar oudere vrouw Proskovia Fyodorovna Dubrovina drie kinderen: Dimitri, die zwakbegaafd was en twee meisjes, Matrona (Maria) en Barbera. In 1898 maakte hij een pelgrimstocht naar het in heel Siberië bekende klooster in Verchotoerje in het Oeralgebergte; de aanleiding was mogelijk de verdenking van de diefstal van een paard. Hij maakte kennis met een kluizenaar, genaamd Makari, die buiten het klooster in een hutje woonde en die Raspoetin de rest van zijn leven als zijn leermeester zou beschouwen. Het kloosterleven en de regels stonden Raspoetin na drie maanden niet meer aan, maar hij zweerde alcohol, en het eten van vlees af.[18] Vervolgens leidde hij een teruggetrokken leven, zijn dagen vullend met werk op het land, bidden, vasten en boetedoening. In een nieuwe fase beland maakte hij lange zwerftochten; naar de berg Athos in Griekenland, het beroemdste klooster van de orthodoxe kerk, naar Troitse-Sergieva Lavra, Solovetski-eilanden, Valaam, Saratov (1909), maar keerde op gezette tijden terug naar vrouw en kinderen. Over zijn ziekelijke vrouw is weinig bekend. Ze was vermoedelijk de enige die Raspoetin stevig op zijn nummer kon zetten.[19]

De archimandriet Vladyka Theophanus (Moore), de biechtvader van grootvorstin Militza, speelde een cruciale rol bij introduceren van Raspoetin aan het hof. Vanaf februari 1910 bestreed hij Raspoetin. Theophanus is in 1911 verbannen (eerst naar de Krim [20], in 1913 werd hij bisschop van Poltava).[21]

Raspoetin schrijft dat hij meerdere keren het Holenklooster van Kiev bezocht, dat op een afstand van bijna 3.000 km van zijn geboortedorp ligt. In 1903 veroorzaakte hij in Kazan een sensatie.[22] Raspoetin was in staat was een aantal theologische zaken zo eenvoudig en beeldend uit te leggen, met zoveel vuur en overtuiging, dat ook bisschoppen en theologen verbaasd waren. Dat kwam door zijn psychologische scherpzinnigheid en zijn vrijmoediger optreden dan dat van boeren uit het Europese deel van Rusland.[23]

Sint Petersburg

Nog in het zelfde jaar kwam Raspoetin op uitnodiging van een Montegrijnse prinses naar de hoofdstad, maar de bronnen zijn niet eenduidig over het jaar van zijn aankomst in Sint-Petersburg. Hij ontmoette de energieke Johannes van Kronstadt, die ooit aan het sterfbed van Alexander III van Rusland was uitgenodigd. Vroeg in 1905 werd hij in Sint-Petersburg geïntroduceerd bij Sergius Stragorodsky, de rector van de plaatselijke Theologische Hogeschool.[24] Ook in de hoofdstad verwierf hij zich een grote reputatie van heiligheid. In Rusland was het gevoel wijd verbreid dat de betere standen door de contacten met het westen vervreemd waren van de ware Russische deugd, dat men die vooral bij ongeletterde boeren kon aantreffen, met een zelfverzekerde kijk op de wereld [25] bij wie ook de godsdienst in een veel zuiverder vorm was blijven bestaan.[26] De “strannik” wist op een meesterlijke en doeltreffende wijze hier gebruik van te maken, maar … produceerde nooit een heldere en begrijpelijke zin. Altijd ontbrak er iets: het onderwerp of het gezegde of alle twee.[27][28]

De incompetente en vanwege zijn postuur weinig imponerende tsaar stond voor grote problemen. Rusland was in oorlog met Japan; de mars naar het Winterpaleis op Bloedige zondag onder leiding van Georgi Gapon kostte driehonderd arbeiders het leven en in Petersburg was een revolutie in volle gang. Er was geen elektriciteit en alle overheidsinstellingen waren gesloten. In oktober brak ook nog een spoorwegstaking uit. De man die aan zijn vader beloofd had dat hij de autocratie in stand zou houden, werd door Sergei Witte gedwongen grote concessies te doen; in het Oktobermanifest gaf hij toe dat er een constitutionele monarchie zou worden gevormd, een grondwet zou worden geformuleerd en verkiezingen zouden kunnen worden gehouden voor een nieuw op te richten parlement, de rijksdoema.

Toen kwam het grote moment in de wereldgeschiedenis. Raspoetin maakte of had al kennis aan twee Montenegrijnse prinsessen, Militza en Anastasia van Montenegro. Ze waren geïnteresseerd in Perzisch mysticisme, [29] occultisme, en spiritisme.[30] Op 31 oktober 1905 brachten tsaar Nicolaas en zijn vrouw Alexandra een bezoek aan grootvorst Peter Nikolajevitsj en zijn echtgenote Militza. Op 1 november 1905 schreef de tsaar in zijn dagboek ‘We hebben kennis gemaakt met een man van God – Grigori – uit het gouvernement Tobolsk.[31]

Portret van de 8-jarige Alexej door Sergei Jegornow (1860–1920)

De tsaar en zijn vrome vrouw voelden zich al jaren aangetrokken tot theosofie en occulte: rond het paleis wemelde het van de gebedsgenezers, handopleggers, toekomstvoorspellers, en wat dies meer zij. Onder andere de onnozele Mitia Kozelski, Papus en Philippe Vachot, een Franse slagersjongen annex hypnotiseur, waren Raspoetin voorgegaan.[32] Overigens was het niet zo dat Raspoetin onmiddellijk vaste voet aan het hof kreeg.[33] Na een aanslag (25 augustus 1906) op de datsja van Pjotr Stolypin door links-radicalen waarbij 60 doden en gewonden vielen, werd Raspoetin te hulp geroepen omdat ook de twee kinderen [34] van de eerste minister, die sterk betrokken was bij de hervorming van de landbouw, ernstig gewond raakten.

Begin oktober 1907 (de precieze datum is onbekend) had de impulsieve Aleksej Nikolajevitsj van Rusland, het jongste kind en de toekomstige troonopvolger een ernstige neusbloeding na een val van zijn paard. De Romanovs had vier dochters, en dit was hun eerste zoon, van jongs af aan leidend aan de gevreesde bloederziekte. Een schram kon al het einde betekenen. Die ziekte werd toen nog niet goed begrepen en artsen waren niet in staat hem te helpen. Vervolgens werd Raspoetin naar Tsarskoje Selo geroepen. Raspoetin maakte een kruisteken en verliet de kamer van de tsarevitsj na tien minuten met de mededeling dat de ouders zich niet ongerust behoefden te maken. De volgende dag bleek Alexej geheel genezen en zat vrolijk in zijn bed. Wat Raspoetin precies deed is onduidelijk [35], maar zijn positie werd nog versterkt door een voorspelling die hij deed: ‘Het kind zal blijven leven en rond zijn twintigste is de bloederziekte verdwenen.[36][37] Volgens Raspoetin zou de tsaar hem de achternaam Novykh gegeven hebben toen Alexej hem als die “nieuwe” omschreef.[38][39][40]

Het is niet duidelijk hoe vaak hij het Alexanderpaleis bezocht, volgens Colin Wilson kwam hij er dagelijks en werd toegelaten door een achterdeur. Raspoetin ging meestal bij Anna Vyroubova op bezoek, waar hij ook de tsarina ontmoette. De als naïef omschreven Vyroubova voorspelde hij een ongelukkig huwelijk; toen zij zich in 1908 van haar man liet scheiden, werd zij een van Raspoetin’s trouwste volgelingen. Zij bezocht ook zijn geboortedorp in 1909 op verzoek van de tsarina. Haar kleine huis werd het hoofdkwartier van Raspoetin in Tsarskoje Selo; al het contact met het paleis verliep via haar.[41] Begin 1909 leed de tsarina, die in haar kinderjaren al haar broer, zus en moeder had verloren, aan extreme nervositeit. Zij voelde zich schuldig omdat zij de bloederziekte aan haar zoon doorgegeven had.[42] Raspoetin voelde intuïtief aan wat voor iemand zijn gespreksgenote was.[43] Soms wist hij door een paar goed gekozen woorden of een vergelijking het leed te verzachten of zelfs geheel weg te nemen.[44] Alexandra ontsloeg de psychiater en hield het contact met Raspoetin aan, ondanks het feit dat hij in opspraak raakte.

Kritiek

Het 5-kamerappartement van Raspoetin, in de Gorochovaia 64, dat hij in 1913 met zijn dochters, en een nichtje [45] betrok, had uitzicht op de binnenplaats. In zijn woning, niet ver van het station naar Tsarskoye Selo, hield hij religieuze bijeenkomsten, maar er werd ook gezongen, gedanst en op de gitaar gespeeld.[46] Zijn woning was spaarzaam gemeubileerd, maar er was altijd te eten en te drinken. Iedere dag stonden er tientallen mensen uit alle lagen van de bevolking voor zijn huis, om via hem voorspraak te verwerven voor zichzelf of een familielid.[47]

In 1909 begon de kritiek op zijn persoon. Een Moskouer krant begon met hem aan te vallen, maar zonder bewijzen.[48] Hij werd door Sofia Ivanovna Tyutcheva, het kindermeisje beschuldigd van ongeoorloofd gedrag, aanwezigheid in slaapkamer van de dochters van de tsaar.[49][50] Raspoetin werd door Militza beschuldigd van Khlysm [51] en zou naar verluidt door haar echtgenoot uit hun huis zijn gezet. Stolypin gaf in 1911 opdracht tot onderzoek naar het gedrag van Raspoetin vanwege het toenemend aantal schandalen. Raspoetin bevond zich in een lastige positie. Was hij nou een duivel of een engel? Uitgezonderd de keizerin en haar hofdame en paar volgelingen twijfelde bijna niemand nog aan de tweeslachtige aard van Raspoetin.[52] Raspoetin werd beschuldigd van het bewandelen van het slechte pad: het bezoeken van badhuizen, de omgang met prostituees en zijn relatie met vrouwen, waaronder de tsarina. De “strannik” overtuigde zijn volgelingen niet alleen met geestelijk, maar ook met lichamelijk contact. De geestelijken Iliodor en Theophanus verdedigden Raspoetin. Het leek de Siberische boer raadzaam zich gedijst te houden en trok in maart 1911 naar het Heilige land [53], bracht daar de vastentijd door en vierde Pasen [54]; eind mei 1911 was hij weer terug. Tijdens zijn bezoek aan Iliodor,  in Tsaritzin eiste Raspoetin het aftreden van Stolypin [55] die enkele maanden later werd neergeschoten in de opera van Kiev door een dubbelagent.[56] Raspoetin bemoeide zich met een aantal kerkelijke benoemingen, waartoe hij geen enkele bevoegdheid had waarna er grote opwinding ontstond binnen de Russische Heilige Synode.

Begin 1912 raakte Raspoetin opnieuw in opspraak. Hij was ondertussen een van de meest besproken en gehate personen in Rusland.[57] Vladimir Kokovtsov bood hem op 15 februari 200.000 roebels als hij Sint Petersburg zou verlaten; Raspoetin weigerde het geld [58][59][60] De als deïst [61] beschouwde Iliodor (een panslavist) vroeg om uit zijn ambt te worden gezet.[62] In zijn brochure “Grigori Raspoetin en mystieke losbandigheid” is Raspoetin beschuldigd van seksuele betrekkingen met zijn bewonderaarsters.[63] Raspoetin wilde een proces beginnen tegen de Moskouer krant, die daaruit had geciteerd. Toen bisschop Hermogen Raspoetin voor de Heilige Synode beschuldigde dat hij een lid was van de sekte der chlysten [64] besloot de tsaar in februari 1912 dat het onderzoek naar Raspoetin moest worden heropend. De kranten werd verboden zijn naam in combinatie met de leden keizerlijke familie te noemen. Hij zou pas naar Siberië zijn vertrokken, nadat dat hij met de keizerlijke familie op vakantie was geweest. Rasputin verbleef op Jalta in de nabijheid van het Livadiapaleis en vertrok pas na Pasen naar Prokovskoye en in het gezelschap van een geheime agent [65] op last van Alexander Alexandrovich Makarov, de minister van Binnenlandse Zaken.

De sekte van chlysten of flagellanten bestond al twee eeuwen, was officieel verboden, maar over geheel Rusland verspreid. De meeste informatie over deze mystieke beweging stamt n.b. uit politierapporten [66] en was vaak afkomstig van plaatselijke priesters. Chlysten onthielden zich van gemeenschap met hun wettige vrouw, want dat betekende een band aan huis en geboortegrond. Ze dansten in heimelijke, nachtelijke bijeenkomsten en bedreven groepsseks in kelders, want ze geloofden in verlossing door eerst te zondigen. De vraag of Raspoetin een chlyst was, wordt in de literatuur verschillend beantwoord, waarbij de stellingname van de schrijver afhankelijk is van de vraag of hij Raspoetin als heilige dan wel als duivel wil afschilderen.[67]

Raspoetin, Hermogen en Iliodor gebroederlijk naast elkaar

Begin oktober 1912 had Alexej, die inmiddels acht jaar oud was en met wie het heel goed leek te gaan, een ernstige bloeding. De keizerlijke familie verbleef in een jachtslot in het bosrijke Łódź, het destijds Russische deel van Polen. Als gevolg van een grote inwendige bloeding bij zijn lies lag Alexej met hoge koorts op zijn bed te kermen van de pijn. Zijn moeder die dag en nacht aan zijn bed zat, kreeg binnen korte tijd grijze haren. Er werden voor het eerst medische bulletins aan de pers verstrekt, maar de oorzaak werd niet vermeld. Alexej ontving uiteindelijk de sacramenten der stervenden. Ten einde raad stuurde de wanhopige moeder op 10 oktober een telegram naar de “strannik” met het verzoek om voor Alexej te bidden. De volgende dag was Alexandra weer in staat te glimlachen. Zij had een telegram gekregen met de volgende inhoud: ‘De ziekte is niet zo ernstig als zij lijkt. Laat de dokters ophouden hem te kwellen’. De toestand van Alexej verbeterde en na een lang genezingsproces kon hij weer lopen, weliswaar met een soort beenbeschermers die het bloeden moesten tegen gaan.

Raspoetin verbleef indertijd in Pokrovskoje, op 2.600 km afstand van Sint Petersburg [68]; zijn positie leek onaanvechtbaar, nadat hij beschuldigingen van verkrachting, de kritiek van twee eerste ministers, de Doema een onderzoek had ingesteld, de haat van de geestelijken en een bijtende campagne door de pers had doorstaan. Eind november kwam de consistorie van Tobolsk met een nieuw rapport over Raspoetin, waarin stond vermeld dat hij een spirituele orthodox-christelijke man was op zoek naar de waarheid en Christus.[69] In 1913 werden activiteiten van Raspoetin besproken in de Doema.[70] Vladimir Bontsj-Broejevitsj, een schrijver en kenner van het Russische sektarisme, verklaarde na een gesprek met Raspoetin dat de beschuldiging een chlyst te zijn ongegrond was.[71] Hij zag Raspoetin als iemand die een religieuze opleving in Rusland had veroorzaakt. De voorzitter van de Doema, Rodzianko, schreef dat er geen twijfel over kon bestaan dat Raspoetin een flagellant was; ook Hermogen en Theofan waren die mening aangedaan [72], maar … Raspoetin bleef zijn hele leven bij zijn vrouw en hield van ikonen en kerkdiensten.[73] In 1935 zou ook het hoofd van de geheime politie Alexandre Spiridovitch tot de conclusie komen dat Raspoetin geen chlyst was.[74]

Raspoetins politieke invloed

Raspoetin te midden van een schare volgelingen die zich na een vroege mis in zijn huis had verzameld, met zijn vader als vierde van rechts [75]; foto Karl Boella, 1914

Er is veel geschreven over de politieke invloed van Raspoetin. Toch was die in eerste instantie zeer gering, vanwege de tegenwerking van Stolypin [76] en pas geleidelijk werd deze groter onder Boris Stürmer en Alexander Protopopov. Volgens Vyroubova had Raspoetin nooit iets uit te staan met poliktiek, maar zij is als een van zijn grootste volgelingen een weinig betrouwbare bron.[77][78]

Raspoetin had zich in 1912 uitgesproken tegen inmenging van Rusland in de Balkanoorlogen [79] en haalde zich de vijandschap van de havikken, waaronder de grootvorst Nicholaas Nikolaevitsj op de hals.[80][81] Bij de viering van het 300-jarig bestaan van het Russische keizerrijk op 21 februari 1913 werd Raspoetin, die zich volgens zijn tegenstanders meestal belangrijker wist voor te doen dan hij in werkelijkheid was, de Kazankathedraal uitgezet door Michael Rodzjanko.[82] Het zou nog een jaar duren voordat hij door de ministerraad (of door de tsaar) is teruggestuurd naar zijn geboortedorp.

Op zondagmiddag 29 juni 1914 (O.S.) [83][84][85] werd een aanslag op hem gepleegd door een religieuse vrouw die met een dolk op hem afkwam, toen hij de straat overstak. Zijn ingewanden kwamen naar buiten.  Midden in de nacht is hij bij kaarslicht geopereerd; toen zijn toestand niet verbeterde is hij twee dagen later naar Tjoemen getransporteerd. Raspoetin verbleef zeven weken in het ziekenhuis. De dader, Khioniya Guseva, verklaarde voor het gerecht dat Raspoetin losbandig, een valse profeet, en een verleider was.[86][87] Raspoetin meende en het is tamelijk waarschijnlijk dat Iliodor achter deze aanslag zat [88] want die vluchtte met behulp van Maxim Gorki om de Finse Golf naar Oslo, dat toen nog Christiana heette.[89] Raspoetin haalde opnieuw de krantenkoppen [90], kreeg permanente bewaking, maar begon na twintig jaar onthouding ook veel meer te drinken. Hij dronk snel en naar verluidt soms wel zes liter bij het eten.[91] In een dergelijke toestand begon hij dan te orakelen, volgens zijn secretaris A. Simanovich.

Raspoetin was een verklaard tegenstander van de oorlog die op 6 augustus 1914 begon. Raspoetin, die in het ziekenhuis van Tjoemen lag en niet in staat was de tsaar naar zijn hand te zetten, heeft waarschijnlijk twintig telegrammen verstuurd, waaronder een bewogen en niet gedateerde oproep vanuit zijn ziekbed om Rusland buiten de Eerste Wereldoorlog te houden.[92][93] Raspoetin wond zich zo op dat hij opnieuw begon te bloeden.[94] Hij voorspelde dat het met Rusland slecht zou aflopen.[95]

Aanhalingsteken openen
Waarde vriend, ik zal nogmaals zeggen dat een reusachtige wolk vol lijden en rouw boven Rusland zweeft; ze is donker, en daarachter is geen licht te zien. Een eindeloze zee van tranen en even zoveel bloed zal stromen. Er zijn geen woorden om de verschrikking te beschrijven. Ik weet dat men bij u aandringt op oorlog, niet wetend dat dit neerkomt op onvermijdelijke verwoesting. Zwaar is de straf Gods wanneer het verstand wegvalt. Vader Tsaar mag de waanzinnigen niet toestaan zichzelf met zijn volk te gronde te richten. En zelfs als ze Duitsland verslaan – wat gebeurt er dan met Rusland? Men zal zich geen groter lijden kunnen voorstellen, sinds het begin van alle tijden, wanneer Rusland in bloed zal verdrinken. Verschrikkelijk is de ondergang, en het verdriet zal geen einde nemen. Grigori [96] Aanhalingsteken sluiten

Volgens Vyroubova verscheurde de tsaar een van de telegrammen en verslechterde de verhouding tussen hem en Raspoetin.[97][98]

Raspoetin met een vrouw en zijn dochter in 1914

Aan het front moest grootvorst Nicolaas, een aanhanger van het Panslavisme, een strategie uitvoeren, die hij zelf niet had bedacht. Dit resulteerde in de nederlagen tijdens de Slag bij Tannenberg en de Eerste slag bij de Mazurische meren. De Russische troepen behaalden enkele successen tegen het leger van Oostenrijk-Hongarije. Zijn hernieuwde strategie in reactie op de opmars van Duitsland in oktober 1914 was een groot succes. De Russische troepen hielden stand tijdens de winter van 1914-1915, in de Tweede slag bij de Mazurische meren en veroverden Przemyśl. Bij het Gorlice-Tarnów-offensief in mei 1915 verloor Rusland veel territorium in Galicië. Grootvorst Nicolai gaf op 17 juni te kennen zich te willen terugtrekken. De troepen waren slecht opgeleid, de verbindingen en de communicatie beperkt, maar voornamelijk vanwege een gebrek aan munitie. De gehele zomer waren de Russische legers op de terugtocht, 1,4 [99] miljoen gewonden en krijgsgevangenen achterlatend.

Maar de zaken namen een noodlottige wending toen Polen werd bezet en Warschau viel. Rasputin drong aan op de vervanging van de bevelhebber. Op 23 juli is buiten de regering om de Zemgor opgericht met als doel beter in de behoeften van het leger te voorzien. Voorzitter werd prins Georgi Lvov. De tsaar gaf (op 6 augustus 1915) te kennen gaf het opperbevel over te nemen van zijn oom, de bij Raspoetin impopulaire Nicolaas Nikolajevitsj. Op 20 augustus verzochten enkele ministers de tsaar om op zijn beslissing terug te komen. Ze verwachten dat de invloed van Raspoetin zou toenemen. Op 23 augustus 1915 nam de tsaar de leiding over het Russische leger over van Nicholaas Nikolaevitsj, die naar het Kaukasische front werd gestuurd.[100]

De monarchisten, waaronder Michail Rodzjanko voorzitter van de vierde Doema, vreesden dat Raspoetin en Alexandra aan invloed zouden winnen.[101] Eind augustus 1915 werd het Progressieve blok opgericht, om de invloed van Raspoetin en de tsarina in te perken.[102] In september besloot de tsaar de Doema voor een paar maanden met reces te sturen en vertrok naar het hoofdkwartier in Mahiljow. In Petrograd staakten in augustus en september 70.000 mensen.[103] Toen er vervolgens spotprenten verschenen waarin een vermeende seksuele relatie relatie tussen Raspoetin en Alexandra uit de doeken werd gedaan, werd de familieleden van de tsaar steeds wanhopiger. Dagmar, de moeder van tsaar verhuisde na het overlijden van haar man naar Kiev, ook omdat ze de nabijheid van Raspoetin niet langer verdragen kon. Grootvorst Nicolaas Nikolajevitsj maakte destijds bekend dat hij Raspoetin zou laten ophangen als hij aan het front verscheen. Hij betreurde zijn medewerking Raspoetin, ondertussen een sociaal onmogelijk persoon, aan het hof te hebben geïntroduceerd.[104]

Alexej Chvostov gaf na zijn aanstelling opdracht alle politieke partijen te bespioneren om de Doema te ondermijnen

De zomer van 1915 had Raspoetin grotendeels doorgebracht in zijn geboortedorp, waar hij de bloemetjes buiten zette. Raspoetin woonde in een duur verbouwd huis, dat hij had betaald met het geld dat de Montegrijnse zusters hem in 1906 hadden geschonken.[105] Iliodor schreef in 1915 een boek De heilige duivel waarin de activiteiten van Raspoetin een belangrijke rol speelden en de keizerlijke familie zijdelings werd aangevallen. De tsaritsa probeerde het manuscript in handen te krijgen, maar Iliodor schreef haar op 29 mei 1915 een indringende brief om Raspoetin te ontslaan, veranderingen door te voeren en vertrok toen er niets gebeurde naar New York om het boek in Amerika te laten verschijnen. Een van de personen die ook niet in de “heiligheid” van Raspoetin geloofde was zijn vader. Raspoetin sloeg hem een blauw oog en liep zelf een tijdje mank vanwege het voorval. Na de ontvangst van een telegram, afkomstig van het drietal Mikhial Andronnikov, de in augustus benoemde A.N. Chvostov en Stephan Vladimir Beletsky [106], waarin hij met de dood werd bedreigd als hij niet zou komen opdagen [107], reisde Raspoetin eind september opnieuw naar de hoofdstad dat was omgedoopt tot Petrograd, en minder Duits klonk. Om “het vaderland te redden van de ondergang” moest hij zijn invloed aan wenden bij de Stavka, het Militaire Hoofdkwartier.[108][109]

Toen Rusland zware verliezen leed aan het front (eind november 1915 waren er 4 miljoen doden [110]), werd naar een zondebok gezocht. De minister van Binnenlandse Zaken, A.N. Chvostov, beweerde dat Raspoetin een Duitse spion zou zijn [111] en dat ook Alexandra pro-Duits was. Stürmer, en Protopopov  hebben geprobeerd buiten Engeland om een afzonderlijk verdrag met Duitsland te sluiten. Mogelijk waren het door Duitsland verspreide geruchten. [112] Volgens Figes was het bedoeld om de mythe van de monarchie door te prikken.[113] De Duitsers hadden niet veel behoefte om hun bondgenoot Oostenrijk in de steek te laten. De geallieerden zouden daarop tegen zijn geweest, omdat het front dan werd verlegd naar Noord-Frankrijk en België.[114] De tsaar wilde zijn bondgenoten Frankrijk en Engeland niet in de steek laten.[115]

De Ochrana (de Russische geheime politie) volgde voor zover mogelijk iedere stap van Raspoetin. De hele dag zaten er politie-agenten in het trappenhuis van Raspoetin’s appartement, die alles noteerden, wie er langs kwam met welke auto en hoe laat ze vertrokken.[117] Aleksej Chvostov, die van mening was dat Raspoetin een spion was, [118] opperde om “strannik”, die weigerde de stad uit te gaan [119], te vermoorden als hij dronken was.[120] Maar vlak voor Kerst 1915 werd het plan opgegeven.[121]

Raspoetin bedreigd

Alexandr Protopopov (1866-1918)

Op 8 februari 1916 kreeg Raspoetin via Vyroubova lucht van een nieuwe aanslag op zijn persoon, georganiseerd door Iliodor en Chvostov.[122][123] Op 9 februari werd de Doema bijeengeroepen; de tsaar kwam zelf om de historische zitting te openen.[124]

Nadat de tsaar naar het front was vertrokken en Broesilov successen binnenhaalde, probeerde zijn vrouw, bedwelmd door slaapmiddelen, het land te regeren. Inmiddels duizelde het de tsaar vanwege de vele veranderingen in de regering. Alexandra, die te samen met haar dochters inmiddels ook actief was in het verzorgen van gewonde soldaten, berichtte haar echtgenoot met wat Raspoetin aan visioenen had over de te volgen strategie.[125][126] De geheime politie ondervroeg iedereen die in contact kwam met Alexandra.[116]

Op 1 november 1916 werd de gematigde Stürmer door diverse Doemaleden – zowel behorende tot de linker- als de rechtervleugel – flink onder vuur genomen. Toen Pavel Miljoekov het woord kreeg, ging hij in op het wanbeleid. Het Progressief Blok sprak haar wantrouwen uit tegen de regering Stürmer, die op zijn beurt probeerde opnieuw de Doema te ontbinden en nieuwe verkiezingen uit te roepen.[127][128] Op 10 november werd Stürmer als premier vervangen door de meer krijgszuchtige, conservatieve Alexander Trepov. Hij stond erop dat Aleksandr Protopopov, op 16 september benoemd als minister van Binnenlandse Zaken, zou moeten verdwijnen.[129] Vyroubova en Raspoetin steunden Alexandra in zijn aanblijven. Prins Lvov en generaal Mikhail Alekseyev probeerden de tsaar te overtuigen zijn echtgenote toch maar liever naar Livadia of Engeland te sturen.[130] Ook Rodzianko zou nog verklaren dat de verwijdering van de tsaritsa, vanwege haar desastreuse invloed, noodzakelijk was.

Een nieuwe aanval kwam uit onverwachte hoek. Op 19 november sprak het uiterst rechtse parlementslid Vladimir Poerisjkevitsj zich in de Doema voor het eerst openlijk uit over “duistere krachten”, doelend op Raspoetin’s noodlottige aandeel in de ondermijnende benoemingen van Nicolaas en Alexandra. Raspoetin werd verantwoordelijk gehouden voor de desastreuze situatie van het land en het volgens Poerisjkevitsj “haasje overspringen van de ministers”.[131][132] Felix Joesoepov was onder de indruk van het krachtige betoog.

Portret van Dmitri Pavlovitsj

Niet alleen het leger had grote logistieke problemen; de hoofdstad kon nauwelijks van voedsel worden voorzien. Een revolutionaire stemming onder de bevolking was inmiddels werkelijkheid. Raspoetin ter zijde te schuiven. Elisabeth, die in tegenstelling tot haar zuster voor voortzetting van de oorlog was, had in eerste instantie haar vriendin Zinaïda gevraagd om haar invloed aan te wenden. De situatie was dramatisch aan het front in Roemenië. De tsarina werd steeds heftiger aangevallen in de pers en door de politici. Op 3 december kreeg de tsaar het verzoek om zich uit te spreken voor een nieuwe constitutie. De tsaar verzette zich het opgeven van de absolute macht. De tsarina, die sinds 13 november bij haar man aan het front verbleef, hield hem voor sterk te zijn, te vertrouwen op de adviezen van Raspoetin en Protopopov aan te laten blijven. De situatie in het land was gevaarlijk, omdat de bevolking radicaliseerde. Goetsjkov kwam tot de pijnlijke conclusie dat de situatie alleen nog maar kon verbeteren als het staatshoofd werd vervangen.[133] Op 9 december werden twee nieuwe ministers benoemd, waaronder Beletsky, die in zijn vorige positie het bespioneren van Raspoetin had georganiseerd.[134] Op 12 december had Raspoetin zijn laatste ontmoeting met de tsarina [135], maar Vyroubova en Protopopov kwamen op de avond van de 16e nog bij Raspoetin langs [136] en drukten hem op het hart niet op de late uitnodiging bij Prins Jusupov thuis in te gaan. Op die dag werd de Doema voor een kerstreces gesloten; de spanning in de hoofdstad was geladen.

Raspoetin vermoord door  monarchisten

Felix Joesoepov (1915) als kadet

De schatrijke [137] en elegante Felix Joesoepov begon in 1909 met een studie kunstgeschiedenis in Oxford. Hij was afkomstig uit de hoogste Russische adel, in 1914 getrouwd met Irene, de enige nicht van de tsaar. Raspoetin en de tsarina hadden zich destijds verzet tegen het huwelijk en zich hun vijandschap op de hals gehaald.[138] De 29-jarige kadet, die graag in travestie verscheen, had Raspoetin – na een verzoening – meerdere keren te hulp geroepen voor zijn weinig mannelijke optreden en er volgden volgens de prins enkele hypnotische seances.[139][140] Zinaïda’s zoon liep in werkelijkheid al sinds 1915 [141] rond met het plan rond Raspoetin te vermoorden en de tsaritsa in een inrichting op te laten sluiten.[142] Op 20 [143] of 21 november ging Joesoepov op bezoek bij Poerisjkevitsj. De volgende dag begonnen zij aan de voorbereiding van de aanslag [144] en organiseerden een aantal ontmoetingen.

gorohovaja 64 (6)
Het binnenhof met Rasputins appartement op de tweede etage onder het balkon. Foto Rudy de Casseres

Joesoepov wist Raspoetin op de nacht van vrijdag naar zaterdag 30 december [O.S. 17 december] 1916 op een ongebruikelijk tijdstip in zijn pas verbouwde paleis aan de Mojka uit te nodigen met de toezegging dat hij dan kennis zou maken met zijn echtgenote Irina en dat zijn ouders – tegenstanders van Raspoetin – niet thuis waren. Ze verbleven op de Krim; Irina die hen vergezelde, had geweigerd mee te werken.[145] Raspoetin kreeg iedere avond bezoek van Protopotov, die hem consulteerde en hem in opdracht van tsarina waarschuwde voor de gevaren. (Raspoetin besloot zijn correspondentie te verbranden en geld over te maken aan zijn dochters.)[146] Raspoetin werd overdag bewaakt door twee of drie geheime diensten: die van het hof, het ministerie van Binnenlandse Zaken en misschien ook door de bankiers of de Duitsers. Ze waren al naar huis toen hij om 00.30 uur werd afgehaald door Joesoepov met de auto van Poerisjkevitsj en naar het souterrain van het paleis werd geleid.[147] In het complot waren bovendien een neef van de tsaar betrokken, grootvorst Dimitri Pavlovitsj; de ultrarechtse parlementariër Vladimir Poerisjkevitsj, met een hoge functie bij het Rode Kruis; daarnaast de Poolse arts Lazavert, die het gif voorbereidde en dienst deed als chauffeur, en ten slotte de officier Soechotin, die zich allen op een andere etage ophielden en een feestje hielden met muziek uit de grammofoon.[148][149]

basementYusupovpalace
De kelder van het paleis van Joesoepov aan de Mojka 94

Raspoetin kreeg naar verluid thee, petit fours, wijn uit de Krim en zijn lievelingswijn, een Madeira-achtige wijn aangeboden. De koekjes en de een aantal glazen waren voorzien van een dodelijke hoeveelheid cyaankali, maar Raspoetin weigerde aanvankelijk te eten; hij at volgens zijn dochter, maar ook zijn secretaris nooit zoetigheden.[150] Op verzoek speelde Joesoepov gitaar en zong enkele  zigeunerballades.[151] Twee uur verstreken zonder dat er iets gebeurde. Joessoepov, was verbijsterd dat het vergif nog niet zijn werking had gedaan. Ten einde raad besloot Joesoepov hem dan maar met een pistool voor altijd uit te schakelen. Hij liep naar boven om een wapen te halen. Hij schoot hem bij terugkomst, terwijl de “strannik” zoals de legende meld,een kruisbeeld bestudeerde. In werkelijkheid moet hij naast hem gezeten. Dmitri Pavlovitsj en de twee helpers zouden vervolgens Raspoetin’s bontjas verbranden. Joesoepov bleef alleen met de dood gewaande Raspoetin achter, die op een berevel lag uitgestrekt. Plotseling stond deze op stortte zich op zijn moordenaar. Joesoepov wist aan zijn greep te ontkomen, vluchtte de trap op, terwijl Raspoetin via een zijingang naar buiten strompelde.[152] Raspoetin zakte ineen in de sneeuw, vlak voor de poort.

Exhibition (17)
De hal in het Moika paleis met de trap naar de wijnkelder

Het dodelijke schot zou in de officiële versie tegen 4.00 uur in de ochtend door Poerisjkevitsj zijn gelost, die de levenloze man nog een flinke tik met zijn laars op zijn slaap gaf.[153][154] In een andere theorie zou het laatste schot door Oswald Rayner zijn gelost, die hem door het voorhoofd schoot.[155] Aan de straatkant werd een door de schoten gealarmeerde politieagent die langs kwam om te vragen wat er was gebeurd, met een kluitje in het riet gestuurd. Hem werd verteld dat hij moest zwijgen in het belang van de tsaar.[156][157] Het deerlijk verminkte lijk is in gordijn [158] gewikkeld, en met een auto buiten de stad vervoerd. Raspoetin is om vijf uur in de ochtend in de nabijheid van het Krestovsky eiland van een brug in een wak van de met ijs bedekte Kleine Neva gegooid. De moordenaars verwachten dat het lijk, dat volgens plan nog verzwaard had moeten worden met ketting en twee gewichten [159], met de stroom zou worden meegevoerd, maar de bontjas vormde een luchtbel en het lijk zonk niet.

De nasleep

De vermoorde Raspoetin

De volgende dag gonsde het in Petersburg van de geruchten nadat de dochters van Raspoetin hadden hun vader niet thuis aangetroffen. ‘s Middags was al bekend dat Joesoepov, Dmitri Pavlovitsj en Poerisjkevitsj werden verdacht. Het personeel van Raspoetin verklaarde dat hij om middernacht was afgehaald en een afspraak had met Joesoepov om eerst langs zijn paleis en vervolgens naar het zigeunerrestaurant te rijden. Protopopov liet een onderzoek startten toen op de binnenplaats van Joesoepov’s paleis bloed werd aangetroffen. Alexandra weigerde Joesoepov of Dmitri Pavlovitsj te ontvangen, die om een onderhoud hadden gevraagd.[160] Joesoepov die naar de Krim wilde vertrekken, maar tegen werd gehouden op het station, verklaarde tegenover de politie dat zijn hond was doodgeschoten tijdens een uit de hand gelopen feestje.[162] Al gauw bleek dat het niet om bloed van een hond ging; de onderzoekers gingen verder met het ondervragen van de huisbedienden van Joesoepov, die ontkenden schoten te hebben gehoord. Het onderzoek werd bemoeilijkt omdat Joesoepov lid was van de keizerlijke familie.[161]

Brug over de Kleine Newa naar het Krestovsky eiland

Nog dezelfde avond werd een rubberen overschoen (maat 10) gevonden [163] en ontdekte men ongewone hoeveel bloed op de leuning van een brug in de buurt van het Krestovsky eiland.[164] De volgende dag, 18 december, werd het levenloze lichaam van Raspoetin gevonden door duikers. Volgens Maurice Paléologue begon het volk te juichen toen het nieuws bekend werd en kusten de mensen elkaar op straat. Prins Joesoepov kreeg volgens eigen zeggen staande ovaties toen hij in het theater verscheen.[165] Bij een gerechtelijk onderzoek in het hospitaal bleek dat het slachtoffer op drie plaatsen was beschoten: van opzij door de maag in de lever, van achteren langs zijn ruggenwervel in de nieren en in het voorhoofd. Raspoetin had bovendien een paar ernstige bloeduitstortingen; aan de rechterkant het lichaam werden breuken geconstateerd veroorzaakt door de val van de brug. Er werd geen cyanide gevonden [166] en geen vocht in zijn longen, waaruit kon worden afgeleid dat het slachtoffer al dood was voor hij in het water werd gegooid.[167] Het gerechtelijk onderzoek is na 2,5 maand op bevel van Kerenski, de nieuwe minister van Justitie, gestaakt.

Op 21 december werd de begrafenisdienst gehouden, zonder de familie van Raspoetin. Hij is ter aarde besteld in het park van Tsarskoje Selo.[169] De moordenaars werden verbannen en niet gefusilleerd, zoals tsaritsa Alexandra had geëist. Men had haar duidelijk weten te maken, dat het land dan ineen zou storten en een putsch nabij was. Nicolaas Michajlovitsj werd op 1 januari 1917 uit de stad verbannen nadat hij met de tsaar over Raspoetin had gesproken.[170] Dat betekende dat toen bijna alle leden van de keizerlijke familie de stad uit waren, of huisarrest hadden en de tsaar en zijn vrouw alleen stonden. De tsaar, die al lang genoeg had van staatszaken, vertoonde zich niet meer in het openbaar. De tsarina raakte verlamd en kreeg voortdurend hysterische huilbuien en kalmeerde eerst nadat haar was aangeraden het graf van Raspoetin te bezoeken.

Nikolaj Golitsyn volgde op 26 december Trepov op als Russische minister-president onder Nicolaas de laatste. Het nieuws van Raspoetins moord bleef het hoogtepunt van de sombere, ijzige dagen van januari 1917, maar de gewone bevolking had andere dingen aan het hoofd: brood, brandhout en de dagelijkse tragedie van nieuws van het oostfront.[171]

Na de Februarirevolutie (1917) en enkele dagen nadat de tsaar op 2 maart (O.S.) afstand van de kroon had gedaan, is het stoffelijk overschot van de “strannik” opgegraven en op last van Aleksandr Kerenski of de Voorlopige Regering (Rusland) op 10 maart heimelijk in een pianokist naar Petrograd vervoerd. De kist is de volgende dag de stad uitgebracht. Radzinsky schrijft dat de vrachtauto onderweg stuk ging en dat de commandant toen besloot het lijk ter plekke te verbranden.[172] in het bijzijn van een drietal studenten van het nabij gelegen Staats Polytechnisch Instituut.[173] Margaretha Nelipa vermoedt dat de resten van het stoffelijk overschot en de kist in het ketelhuis van het instituut zijn verbrand. Alles wat aan Rasputin herinnerde ging op in rook.

De val van het régime

In februari 1917 bracht een revolutie het einde van het tsarenrégime. In juni werd duidelijk dat Engeland de Romanovs geen verblijfsvergunning zou verlenen. In augustus 1917 werden zij overgebracht naar Tobolsk. In april 1918 werden de tsaar en de keizerin door de bolsjevieken in een boerenkar overgebracht naar Jekaterinenburg. Daar was de situatie van het tsarengezin afschuwelijk en werden ze in de nacht van 16 op 17 juli omgebracht in de kelder. De laatste dagen van hun leven werden zij gedwongen op het toilet te kijken naar pornografische afbeeldingen en teksten.[174] Die hadden betrekking op de relatie tussen Alexandra en Raspoetin.

Tobolsk in 1912

Varia

  • Raspoetin kon nauwelijks lezen en schrijven. Dat heeft hij eerst in het klooster of volgens zijn dochter in Sint Peterburg geleerd. Niettemin is hij de auteur van twee boeken, waarin de tsarina en haar hofdame Vyroubova een sterke hand hebben gehad: Het leven van een ervaren pelgrim (1907) en Mijn gedachten en overpeinzingen (1915).[175] Het laatste boekje werd niet in de verkoop gebracht maar is enkel aan vrienden verstrekt.[176]
  • Raspoetin heeft een aanzienlijke vinger in de pap gehad, aangaande een aantal kerkelijke benoemingen en overplaatsingen, o.a. van de bisschoppen Varnava, Aleksi, Pitirim en Makari.[177]
  • Raspoetin werd iedere dag om tien uur ‘s ochtends gebeld door Vyroubova.[178] Vervolgens ontving hij zijn gasten.
  • De dichter Aleksandr Blok schreef over de moord op Raspoetin: “De kogel, die aan hem een eind maakte, trof de heersende dynastie in het hart.”[179]
  • Zijn dochter Maria Rasputina (1898-1977), maakte na haar vlucht uit Rusland furore als een dompteur in een Amerikaans circus.[180]
  • In 2004 zond de BBC een documentaire uit over het leven van Raspoetin, gebaseerd op een boek van Andrew Cook, waarin een mogelijke rol van de Britse geheime dienst uit de doeken werd gedaan.[181] Raspoetin zou vermoord zijn omdat hij en Alexandra, in navolging van Protopopov, op een afzonderlijke vrede met Duitsland aanstuurden.[182]
  • Het geld dat Raspoetin verdiende met zijn adviezen, zou hij aanvankelijk hebben gebruikt voor de bouw van een kerk in zijn geboortedorp [183] of hebben doorgesluisd naar Alexandra die het gebruikte voor de verpleging van gewonde soldaten in het paleis in Tsarkoje Selo.[184][185]
  • Een hernieuwde religieuze verering voor Grigori Raspoetin begon rond 1990. Aleksi II van Moskou noemde een eventuele canonisering van Raspoetin een gekte.
  • Er zijn tientallen dozijn films geproduceerd over het leven van Raspoetin. In een van de eerste maar verloren gegane films, “The fall of the Romanovs” (1917) speelde de monnik Iliodor zichzelf. De laatste film was voor de televisie bestemd met Gérard Depardieu in de hoofdrol (2011).

Externe links

Literatuur

  • Boris Nikolaevič Almasov (1924) Rasputin und Russland; uit het Russisch vertaald door Emil Reich
  • Andrej Amalrik (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916. Vertaald doior Pieter de Smit.
  • Michiel Krielaars & Hans Driessen (2007) Ooggetuigen van de Russische geschiedenis in meer dan honderd reportages. Uitgeverij Bert Bakker.
  • Pim van der Meiden (1991) Raspoetin en de val van het tsarenrijk. Amsterdam, De Bataafsche Leeuw; ISBN 9067072788.
  • Edward Radzinsky (2001) Raspoetin: de bezeten monnik. Vertaling uit het Engels door Jaap van der Wijk.
  • Aron Simanotwitsch (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer
  • Alexandre Spiridovitch (1935) Raspoutine (1863-1916). Parijs.
  • Felix Joesoepov (1929) De dood van Raspoetin. vertaling van G. de Ridder. Zutphen : Thieme

Referenties

  1. 10 januari was de naamdag van Gregorius van Nyssa.
  2. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 38.
  3. http://www.imdb.com/name/nm1391270/bio
  4. God in All Things: The Religious Outlook of Russia’s Last Empress by Janet Ashton [1]
  5. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 34; Kurth, P. (1995) De verdwenen wereld van Nicolaas en Alexandra, p. 112; Brian Moynahan: “Rasputin. The saint who sinned” 1997, p. 169.
  6. Kurth, P. (1995) De verdwenen wereld van Nicolaas en Alexandra, p. 68; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 7.
  7. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 8.
  8. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 75.
  9. Orlando Figes & Boris Kolonitskii (1999) “Interpreting the Russian Revolution. The Language and symbols of 1917, p. 14, 19.
  10. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 38.
  11. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 103.
  12. E. Radzinsky, p. 24, 27.
  13. Meestal wordt de naam ‘Raspoetin’ in verband gebracht met raspoetnik, het Russische woord voor ‘de losbandige’ (Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 28; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 6.); andere verklaringen luiden dat het staat voor ‘een plek waar twee wegen elkaar ontmoeten’.
  14. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 11.
  15. Fuhrmann (2013) Rasputin. The untold story, p. 7.
  16. Imperial Russia [2]
  17. E. Radzinsky, p. 29.
  18. Moynahan, p. 31.
  19. E. Radzinsky, p. 174; .
  20. E. Radzinsky, p. 199-200.
  21. Kurth, P. (1995) De verdwenen wereld van Nicolaas en Alexandra, p. 114; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 103.
  22. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 45.
  23. Sinds 1861 bestond in Siberië geen lijfeigenschap (feitelijk slavernij) meer.
  24. Orthodox Christian books [3]
  25. B.V. Ananich & R.S. Ganelin (1996) Nicholas II, p. 382. In: D.J. Raleigh: The Emperors and Empresses of Russia. Rediscovering the Romanovs. The New Russian History Series
  26. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 9.
  27. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 15.
  28. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 30; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 9.
  29. E. Radzinsky, p. 57.
  30. Beide waren getrouwd – Anastasia eerst in 1907 – met bloedverwanten van de tsaar.
  31. (ru) Dagboek 1905 [4]
  32. Iliodor, The Mad Monk, p. 169 e.v. [5]; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 65.
  33. Al in 1907 werd door de kerkenraad van Tobolsk een onderzoek uitgevoerd naar de ideeën van Raspoetin, maar het kwam niet tot een veroordeling.
  34. DBNL [6]
  35. The Atlantic [7]
  36. Spiridovitsj, p. 71; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 16.
  37. Alexander Palace, written by Anna Alexandrovna Vyrubova in 1923 [8]
  38. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 91; Iliodor, The Mad Monk, p. 112 [9]
  39. Het toevoegsel Novykh, Новых is hem in maart 1907 verleend, nadat Raspoetin in december 1906 formeel om een naamsverandering had gevraagd.
  40. E. Radzinsky, p. 79-80.
  41. Iliodor: The Mad Monk of Russia, Life, Memoirs and Confessions of Sergei …, p. 57, 192. [10]
  42. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 17.
  43. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 27.
  44. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 28.
  45. E. Radzinsky, p. 33-34.
  46. Alexander Palace [11]
  47. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 175.
  48. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 105; E. Radzinsky, p. 132.
  49. Colin Wilson (1964) Rasputin and the fall of the Romanovs, p. 124.
  50. King, G & P. Wilson (2011) The Resurrection of the Romanovs. Anastasia, Anna Anderson, and the World’s Greatest Royal Mystery, p. 47, 2; Moyhnahan, p. 131-132.
  51. E. Radzinsky, p. 84.
  52. Kurth, P. (1995) De verdwenen wereld van Nicolaas en Alexandra, p. 114.
  53. E. Radzinsky, p. 139.
  54. Fuhrmann, J.T. p. 73.
  55. Iliodor: The Mad Monk of Russia, Life, Memoirs and Confessions of Sergei … , p. 71 [12]
  56. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 230; Simanotwitsch, A. (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer, p. 131; E. Radzinsky, p. 145.
  57. Colin Wilson (1964) Rasputin and the fall of the Romanovs, p. 139, 147.
  58. Brian Moynahan: “Rasputin. The saint who sinned” 1997, p. 168; Spiridovitch, p. 286.
  59. Alexanderpalace [13]; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 129-130.
  60. Alexanderpalace [14]; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 129-130.
  61. Fuhrmann, J.T. p. 85.
  62. De priester-monnik Iliodor had in 1909 enkele compromitterende brieven van de tsaritsa aan Raspoetin ontvreemd tijdens een bezoek aan Raspoetin’s geboortedorp, zie Amalrik, p. 100.
  63. E. Radzinsky, p. 74.
  64. Orthodox Christian books [15]
  65. Brian Moynahan: “Rasputin. The saint who sinned” 1997, p. 168, 171.
  66. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 23.
  67. Van der Meiden, p. 8.
  68. Raspoetin had in het verleden een rustgevende invloed op de tsarevitsj gehad..
  69. E. Radzinsky, p. 184.
  70. Iliodor, The Mad Monk, p. 193 [16]
  71. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 8.
  72. E. Radzinsky, p. 230.
  73. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 96-97, 135; Van der Meiden, p. 8.
  74. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. ?
  75. E. Radzinsky, p. 219.
  76. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 98.
  77. Colin Wilson (1964) Rasputin and the fall of the Romanovs, p. 118.
  78. Raspoetin was over de Wolga naar Nizjni Novgorod gereist om de gouverneur Aleksej Chvostov voor een ministerpost te polsen, vervolgens Witte te accepteren als minister-president en de priester-monnik Iliodor te verbannen.
  79. Colin Wilson (1964) Rasputin and the fall of the Romanovs, p. 146.
  80. E. Radzinsky, p. 132-133, 190.
  81. De macht van Raspoetin door Marcel van Hamersveld − De Volkskrant 18/08/00 [17]
  82. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 135-136.
  83. http://blog.britishnewspaperarchive.co.uk/assassination-attempt-on-rasputin-29-june-1914/ ;http://query.nytimes.com/mem/archive-free/pdf?res=F20616FF3F5412738DDDAD0994DF405B848DF1D3
  84. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 30, 33; J.T. Fuhrmann, p. 126.
  85. Colin Wilson (1964) Rasputin and the fall of the Romanovs, p. 154.
  86. J.T. Fuhrmann, p. 125; Prins Joesoepov, p. 119.
  87. Zij werd in 1915 door het gerecht voor gek verklaard en is opgesloten in een inrichting in Tomsk. Zij is op 27 maart 1917 in opdracht van de minister van justitie Kerenski vrijgelaten.
  88. J.T. Fuhrmann, p. 124-125; E. Radzinsky, p. 257-258.
  89. Charles A. Ruud, Sergei A. Stepanov In: Fontanka 16: The Tsars’ Secret Police [18]
  90. E. Radzinsky, p. 255.
  91. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 169-171.
  92. E. Radzinsky, p. 261.
  93. Alexanderpalace [19]
  94. A. Kerensky, p. 165.
  95. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 32.
  96. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 189. Open Domein; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 153-154; Brian Moynahan: “Rasputin. The saint who sinned” 1997, p. 201.
  97. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 189. Open Domein; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 188.
  98. Alexanderpalace [20]
  99. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 209. Open Domein.
  100. Alexanderpalace [21]
  101. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 270.
  102. E. Radzinsky, p. 337.
  103. Carin Bouwmeester, Ed Delwel, Ton Mantoua, Anne Nippel, Katja Rotte en Sylvia Sassenus (red.): Kroniek van de 20e eeuw [tot en met 1940]. Elsevier, Amsterdam/Brussel 1985
  104. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 92.
  105. Van der Meiden, p. 17.
  106. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 198; Joseph T. Fuhrmann Rasputin: The Untold Story p. ? [22]
  107. Alexanderpalace [23]
  108. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 41.
  109. Ludo Noens over Raspoetin [24]
  110. Bezemer, J.W. (1988) Een geschiedenis van Rusland. Van Rurik tot Brezjnev, p. 217; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 182.
  111. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 58; Bainton, R. (2005) Ruslands Revolutiejaar, p. 44; Orlando Figes & Boris Kolonitskii (1999) “Interpreting the Russian Revolution. The Language and symbols of 1917, p. 19, 20.
  112. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 226. Open Domein; B.V. Ananich & R.S. Ganelin (1996) Nicholas II, p. 390. In: D.J. Raleigh: The Emperors and Empresses of Russia. Rediscovering the Romanovs. The New Russian History Series.
  113. Orlando Figes & Boris Kolonitskii (1999) “Interpreting the Russian Revolution. The Language and symbols of 1917, p. 9.
  114. The Telegraph [25]
  115. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 202, 221. Open Domein.
  116. B.V. Ananich & R.S. Ganelin (1996) Nicholas II, p. 384-385. In: D.J. Raleigh: The Emperors and Empresses of Russia. Rediscovering the Romanovs. The New Russian History Series
  117. Charles A. Ruud, Sergei A. Stepanov, In: Fontanka 16: The Tsars’ Secret Police, p. 279. [26]
  118. A. Kerensky (1965) Russia and History’s turning point, p. 160.
  119. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 202-204.
  120. Charles A. Ruud, Sergei A. Stepanov. In: Fontanka 16: The Tsars’ Secret Police, p. 304.
  121. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 286.
  122. Alexanderpalace [27]; Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 211, 214.
  123. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 56.
  124. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 59.
  125. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 55.
  126. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 277; Pares, B (1923) Letters of the Tsarina to the Tsar. In: Bainton, R. (2005) Ruslands Revolutiejaar, p. 35-36.
  127. Volgens Marc Ferro was er geen regering en was iedere minister individueel benoemd door de tsaar. In: M. Ferro (1992) Nicholas II. The last of the Tsars, p. 72.
  128. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 286; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 69.
  129. Heresch, E. (1993) Verraad, lafheid en bedrog. Leven en dood van de laatste tsaar, p. 237. Open Domein.
  130. T. Hasegawa (1981) The February Revolution: Petrograd, 1917, p. 55.
  131. J.W. Bezemer (1988) Een geschiedenis van Rusland. Van Rurik tot Brezjnev, p. 219.
  132. Tussen september 1915 en februari 1917 werden vier premiers en 18 ministers op verschillende departementen vervangen.
  133. R. Pearson (1964)The Russian moderates and the crisis of Tsarism 1914-1917, p. 128.
  134. Pourichkevitch, V. (1924) Comment jái tué Raspoutine, p. 78. Pages du Journal, traduit du russe par Lydie Krestovsky
  135. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 343.
  136. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 75.
  137. De familie bezat tientallen paleizen, fabrieken en enkele olievelden op de Krim.
  138. Simanotwitsch, A. (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer, p. 267-268.
  139. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 83; 110-112.
  140. Volgens Maria Raspoetina begon het mis te lopen toen haar vader de homoseksuele avances van de prins verontwaardigd van zich afsloeg.
  141. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 57.
  142. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 289; Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 359; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 73.
  143. E. Radzinsky, p. 435.
  144. Pourichkevitch, V. (1924) Comment jái tué Raspoutine, p. 43. Pages du Journal, traduit du russe par Lydie Krestovsky
  145. E. Radzinsky, p. 440; 444-445.
  146. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 290; Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 156; Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 374; Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 74.
  147. E. Radzinsky, p. 438.
  148. E. Radzinsky, p. 476-477.
  149. Alexanderpalace [28]
  150. Simanotwitsch, A. (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer, p. 37; E. Radzinsky, p. 477.
  151. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 168.
  152. Volgens Andrew Cook in: To Kill Rasputin schoot Poerisjkevitsj mogelijk als tweede in de kelder en werd het lijk naar buiten gesleept.
  153. Pourichkevitch, V. (1924) Comment jái tué Raspoutine, p. 107. Pages du Journal, traduit du russe par Lydie Krestovsky
  154. Famous crime scandals [29]
  155. In de BBC-Timewatch documentaire wordt beweerd dat twee medewerkers van de SIS, de Britse inlichtingendienst, een voorloper van de MI6, Oswald Rayner, een oude vriend uit Oxford en John Scale betrokken waren in de moord.[30]
  156. Almasoff, B. (1923) p. 189, 189, 210-212; Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 184; Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 383; Simanotwitsch, A. (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer, p. 270; Pourichkevitch, V. (1924) Comment jái tué Raspoutine, p. 110; E. Radzinsky, p. 458.
  157. Alexanderpalace [31]
  158. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 230.
  159. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 77.
  160. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 197.
  161. Meiden, G.W. (1991) Raspoetin en de val van het Tsarenrijk, p. 79.
  162. Almasov, B. (1924) Rasputin und Russland, p. 194; Alexander Palace [32]
  163. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 227.
  164. Almasov, B. (1924) Rasputin und Russland, p. 204.
  165. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 240.
  166. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 402.
  167. Platonov, O.A. (2001) Prologue regicide. Documenten van het onderzoek van de moord op Raspoetin.
  168. Prins Joesoepov, (1929) De dood van Raspoetin, p. 232.
  169. Figes, O. (1996) A Peoples Tragedy. The Russian Revolution 1891-1924, p. 291.
  170. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 410-411.
  171. Bainton, R. (2005) Ruslands Revolutiejaar, p. 37.
  172. O. Figes, p. 291; E. Radzinsky, p. 493.
  173. Spiridovitch, A. (1935) Raspoutine (1863-1916), p. 421.
  174. Kurth, P. (1995) De verdwenen wereld van Nicolaas en Alexandra, p. 188.
  175. E. Radzinsky, p. 131.
  176. Fuhrmann, p. 73.
  177. Amalrik, A. (1988) Biografie van de Russische monnik 1863-1916, p. 165.
  178. Simanotwitsch, A. (1928) Rasputin. Der allmächtige Bauer, p. 299; Spiridovitch, p. 265; E. Radzinsky, p. 364.
  179. http://vorige.nrc.nl/europa/in_europa/article1515172.ece
  180. Kort filmpje over Maria Raspoetin [33]
  181. Who killed Rasputin [34]
  182. Rasputin assassinated by British Secret Service – BBC Timewatch documentary [35]
  183. E. Radzinsky, p. 47.
  184. To Kill Rasputin, by Andrew Cook
  185. E. Radzinsky, p. 491.

 

 

One thought on “Grigori Raspoetin, achtergronden bij zijn moord

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *